Shit Happens! (38)

Bijgewerkt op: 1 dec. 2019

Thuiskomst in Amsterdam


Aflevering 38 van mijn blog over een zoektocht naar herstel zoals ik dit heb ervaren in 2004/2005.



Het is tegelijkertijd vreemd en erg fijn om weer thuis te zijn en mijn gezin weer om mij heen te hebben. Na zes weken waarin het alleen maar over verslaving, therapie en gevoelens ging, sta ik nu weer in mijn eigen buurtje met alle drukte en verleidingen die daarbij horen. Het is goed dat ik een tijdje weg was, in een andere omgeving, los van alles en iedereen. Het heeft ervoor gezorgd dat ik even niet afgeleid werd door allerlei andere zaken en zo de volle aandacht heb kunnen geven aan mijn behandeling, iets wat mij met een ambulante of deeltijdbehandeling nooit was gelukt. Nu ik zes weken alle zaken uit handen heb moeten geven, is ook onverbloemd en pijnlijk duidelijk geworden wat ik allemaal aan zaken, betalingen en administratie heb laten liggen. Door mijn afwezigheid heb ik dat allemaal niet meer kunnen verhullen. Misschien een vreemd verschijnsel maar veel mensen met een verslaving proberen altijd nog een lijk in de kast te houden. Iets waarvoor ze zich schamen of dat ze zelf nog op willen lossen. Een eigenaardigheid die uiteindelijk ook vaak weer een begin van een terugval in gebruik inluidt.  Ik begrijp van Heleen dat mijn broer zich over mijn lijken heeft ontfermd. Meer wil ik nog even niet weten.



Toch merk ik ook dat mijn afwezigheid Heleen en de kinderen wat rust heeft gegeven. Ook dat was erg nodig.  Hun leven is gewoon doorgegaan zonder mij. Heleen hoefde zich even geen zorgen te maken over mij en mijn gedragingen. Ze hebben net lekker twee weken gekampeerd in Frankrijk met z’n drieën.  Wat me zelf bij mijn thuiskomst meteen opvalt, is dat ik geen hang of zucht naar alcohol heb. Ik ben niet aan het scannen of onderhandelen met mezelf. Voor nu boeit alcohol me totaal niet en dat is fijn. Ik heb het gevoel alsof ik heel lang in een storm heb gezeten die net is uitgeraasd; de schade moet nog worden opgenomen, maar we leven nog. Zoiets. Heleen is meteen na thuiskomst heel duidelijk. Ze vertelt me dat ze nu even niets, maar dan ook helemaal niets met verslaving en wat daarbij hoort, te maken wil hebben. Ik moet gewoon doen wat ze me hebben geadviseerd op het kasteel, dat is mijn verantwoording daar wil ze geen last van hebben. Verder moet ik gewoon maar weer zoveel als mogelijk mijn taken in het gezin en de winkel op me gaan nemen. Als ik weer ga drinken kan ik vertrekken, punt. Ik vertel wel kort, zoals bij vakanties, wat over mijn ervaringen en hoe de omgeving en het gezelschap eruitzag. Heleen komt even terug op de brieven die ik vanuit Schotland had geschreven. Ze had ze weer prettig normaal gevonden.


Voor Frits en Kees is het, nadat ik ze wat cadeautjes heb gegeven, al snel weer business as usual. Zij hebben in alle consternatie van de afgelopen maanden samen een Game Cube weten te bemachtigen die alweer snel aandacht nodig heeft. Het muziekje van het spel Super Smash Bros dat ze op dat moment veel spelen, is nu 14 jaar later nog altijd als ik het hoor in mijn geheugen gekoppeld aan dit moment van thuiskomst. Bijzonder hoe zoiets werkt. Ik kijk er ook naar uit weer gewoon samen thuis te koken en eten. De maaltijden op het kasteel waren niet slecht maar toch voor onze begrippen wat ouderwets en doorgekookt. Het uitgebalanceerde, “gourmet style” menu waarvan de brochure vooraf melding maakte was een tamelijk Britse interpretatie ervan. De toetjes maakten veel goed, daar zijn de Britten altijd goed in geweest, Flapjacks, Spotted Dick en Apple Crumble met cream en/of custard, heerlijk! Ik neem me voorlopig voor ook elke dag zo’n toetje te maken.


Omdat het vandaag woensdag is, is het ook meteen de bedoeling dat ik naar de nazorgbijeenkomst van het kasteel ga. Die bijeenkomst is in het gebouw van de Jellinek kliniek, een locatie waar ik slechte herinneringen aan heb. Ik wil heel graag meteen smokkelen, zo kort thuis, maar ik weet ook dat dit een slechte voorbode zal zijn. Ik ben al meteen aan het onderhandelen met mezelf terwijl ik weet wat dan de uitkomst zal zijn. Jaren later lees ik in een Amerikaans onderzoek dat diegene die meteen na behandeling de daad bij het woord voegt en zich volop op het programma stort ook uiteindelijk het beste resultaat, qua abstinentie en herstel, boekt. Ik overleg met Heleen en die vindt het prima dat ik ga, zelfs prettig zegt ze omdat ik eindelijk weer eens mijn verantwoordelijkheid neem. We eten wat vroeger dan normaal en om half acht stap ik op het fietsje richting Jacob Obrechtstraat. Als ik daar het gebouw van de Jellinek binnenloop en mij meld bij de balie, weet men van geen bijeenkomst. Als ik daarna de naam van het kasteel noem, zegt het ze al helemaal niets. Ik ben meteen weer helemaal terug in de Amsterdamse GGZ. Ik laat me niet uit het veld slaan en informeer bij een groepje mensen die bij de ingang staan te roken. Wonderwel heb ik geluk, ze komen voor dezelfde bijeenkomst als ik en nemen me mee naar een zaaltje ergens in het gebouw. Daar zit een al clubje mensen bij elkaar, maar niet zoveel als ik had verwacht. Ik herken vooralsnog niemand.  De bijeenkomst wordt geleid door een medewerkster van het kasteel. Het is de bedoeling, vertelt ze dat we in deze groep na een korte voorstelronde onze wekelijkse voortgang en strubbelingen delen. Zoals gewoonlijk wil ik eerst de kat uit de boom kijken. Ik ga er van uit dat dit, net zoals ik in Schotland gewend was, een positieve bijeenkomst zal worden waarin iedereen vanuit zijn eigen ervaring deelt. Dat val tegen. Omdat ik nieuw ben in de groep word ik gevraagd het voortouw te nemen. Nadat ik wat over mezelf heb verteld en over mijn ervaringen met mijn recente thuiskomst, krijg ik tot mijn verbazing van een aantal groepsleden een spervuur aan vragen over me heen. Als ware het een soort moderne inquisitie, wordt het vuur mij aan de schenen gelegd. Welke meetings ik gepland heb, hoe mijn nazorgplan er uit ziet, of ik al een sponsor heb in het programma, of ik kan vertellen hoe mijn Hogere Macht eruitziet. De toon is onverwacht wantrouwend en zelfs verwijtend te noemen. Tot mijn verbazing en daarna ergernis grijpt de groepsleidster ook niet in. Het doet me meteen weer denken aan mijn ervaringen met de extended care groep van het Kasteel in Schotland. Ik ben hier even niet op voorbereid en had een wat warmer weerzien verwacht met mijn lotgenoten. Niet deze kennelijk zelfbedachte “Hot Seat” methodiek.  Ik laat het maar gebeuren. Het is een weinig inspirerende avond voor mij, het staat allemaal ver van me af.  Na mijn verhaal vertellen een paar mensen dramatische verhalen over een terugval, alsof het hen is overkomen en aangedaan. Een aantal anderen gedraagt zich alsof gister de heilige geest in hen is gevaren. De spiritualiteit spat er werkelijk van af.  Met de raadgevingen van Richard mijn therapeut in Schotland, kijk en hoor ik het aan. Niet oordelen maar compassie tonen, was zijn advies, ik moet proberen eruit te halen wat voor mij van belang is. Dat is vooralsnog een lastige opdracht maar ik laat me niet uit het veld slaan. Acht weken eerder zou dit voor mij hebben betekent dat ik het verder voor gezien zou houden. Wanneer ik nu naar huis fiets besluit ik dat ik de volgende week gewoon weer zal gaan. Wie weet gaat het dan anders of kan ik er beter tegen, we zullen zien.


Na mijn goede ervaringen in Schotland met AA en NA-bijeenkomsten heb ik de volgende dagen mijn hoop gevestigd op het bezoeken van deze meetings in Amsterdam. Gelukkig heb ik na de kasteelbijeenkomst een lijstje meegekregen waaruit het ruim kiezen is. Mijn groepsgenoten van gisteren hebben er een aantal aangekruist waar zij vooral naar toe gaan. Deze bijeenkomsten besluit ik voorlopig maar te mijden. Ik zoek er voor de komende dagen eentje bij mij in de buurt en één helemaal aan de andere kant van de stad in Amsterdam-West.  Mijn eerste meeting wordt die in West. Vlak voor ik ga, rond half acht bel ik zoals afgesproken met Pascal mijn maatje uit Eindhoven hij is net zoals ik ook al onderweg naar zijn bijeenkomst. Het is fijn elkaar even te spreken, ik praat hem ook nog even bij over mijn ervaringen van de dag ervoor. Niet roddelen, dat mag niet van het AA-programma maar mijn gevoelens en ervaringen delen. 😉 Als ik aankom op de locatie van de bijeenkomst staan er al wat mensen voor de deur te roken, het is een gewoon hoekhuis in een Amsterdamse volkswijk. Ik ben kennelijk in Schotland wat verwend geraakt want daar voelden de meeste bijeenkomsten als een warm bad. Hier is het meer een koude douche wanneer ik naar binnenloop. Ik word amper opgemerkt, terloops wordt me gevraagd of ik misschien voor het eerst ben. “Hier wel”, antwoord ik, maar vertel daarna ook meteen dat het niet mijn eerste meeting is. Ik neem samen met nog een man of twintig en twee dames zwijgend plaats een krappe huiskamer.  Het is even wennen, het blijkt een “onderwerp” meeting te zijn waarbij gezamenlijk een onderwerp wordt gekozen waarover iedereen een eigen bijdrage mag delen. Of niet natuurlijk. Ik kies voor het laatste en kijk de kat maar weer eens uit de boom terwijl iedereen zijn verhaal doet. Ik hoor wel wat er gezegd wordt, maar luister niet echt. De verhalen komen niet bij me binnen. Ik merk dat ik vooral iedereen om mij heen zit te observeren. Ik moet even wennen aan deze nieuwe setting.  In de pauze probeer ik wat meer contact te maken als ik me buiten onder de rokers meng. Ik probeer uit te vinden met wat voor club mensen ik te maken heb, hoe lang ze hier al komen en of er misschien ook iemand is die een soortgelijke behandeling heeft gedaan als ik. Dat laatste is niet het geval. Het contact is nog wat stroef en aftastend van twee kanten maar niet onvriendelijk.  Na de pauze neem ik dan toch maar het initiatief en stel me voor en vertel kort iets over mijn historie. Dat breekt het ijs wat merk ik, er wordt bemoedigend geknikt. Na afloop komt er een wat oudere bezoeker naar me toe die me vraagt: “Jij kon het niet zelf?”, kennelijk doelend op het feit dat ik een behandeling nodig had en het niet alleen met het bezoeken van AA-meetings heb gedaan, stoppen met drinken. “Nee” antwoord ik, “Ik had zes weken Schotland nodig maar ben erg blij dat ik dat heb gedaan”. Ik neem afscheid en stap weer op mijn fiets richting Watergraafsmeer. Mijn eerste twee bijeenkomsten in Amsterdam zitten erop. Het is nog even wennen maar ik ga het nog niet opgeven.


(Wordt vervolgd)

17 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven