Shit Happens! (59)

Aflevering 59 van mijn vervolgblog over een zoektocht naar herstel van 2004 tot 2011


The Indian Summer & Peggy


Nu mijn jongens en Heleen weer vertrokken zijn, begin ik aan de laatste periode van mijn studie bij Hazelden. Vanaf half september tot half oktober maak ik hier voor het eerst de Indian Summer mee, een periode waarin de bladeren aan de bomen al van kleur zijn veranderd. Door de stand van de zon lijkt het alsof alle kleuren net iets warmer zijn. Alsof je door een zonnebril kijkt met gekleurde glazen. Alles krijgt meer diepte en een impact alsof je naar een ansichtkaart of Technicolor film kijkt. Voor mij is dit het moment om de auto te pakken richting Wisconsin. Omdat dit trimester voor een belangrijk deel uit stage opdrachten bestaat, kan ik mijn tijd wat gemakkelijker zelf indelen. Ik besluit nog een weekje vrijaf te nemen. In Wisconsin vind je het Spring Green reservaat, in dit jaargetijde een adembenemend mooie omgeving. Als kers op de taart zijn hier een groot aantal, al dan niet experimentele, bouwwerken van Frank Lloyd Wright, een toonaangevende Amerikaanse architect die daar woonde en werkte. Hij bouwde er zelfs een aantal boerderijen in zijn eigen kenmerkende stijl. Ik word wat melancholisch als ik daar rondreis. Ik besef me steeds meer dat ik het eigenlijk heel erg naar mijn zin heb hier in de VS. Ik mis mijn kinderen en mijn familie en vrienden, maar ik voel me steeds meer thuis in deze omgeving. Terug naar Nederland gaan en werken in de kliniek van Solutions wordt voor mij steeds minder aantrekkelijk. Ik zou liever mijn kinderen hier naar toe halen en hier verder gaan.  Hier bij Hazelden in Minnesota, is er voor mij feitelijk een ideale atmosfeer om te werken. Alles ademt hier rust en sereniteit uit en iedereen heeft hetzelfde doel voor ogen; Een steeds beter wordende behandeling bieden aan mensen die met verslavingsproblematiek kampen. Nieuwe methodieken en benaderingswijzen uitproberen, kritisch blijven kijken naar alle onderdelen van de behandeling. Ik bespeur ook weinig “haantjesgedrag” onder mijn collega’s. Daarnaast voel ik me hier ook echt gewaardeerd, positief bekrachtigd in wat ik doe en wie ik ben. Het is lang geleden dat ik dat zo gevoeld heb, besef ik me. In korte tijd ben ik echt een onderdeel geworden van het team waarin ik werk. Ik heb ook net begrepen dat bij mijn toekomstige werkgever in Nederland, Solutions wat wisselingen in de personele bezetting zijn geweest. Bram Bakker, degene die me heeft gemotiveerd om dit werk te gaan doen, vertrekt weer en er schijnt nu een klinisch psycholoog te zijn aangesteld als hoofd van de kliniek. Voor mij is dat een slecht voorteken.



Hier bij Hazelden heb ik al vanaf het begin begrepen dat het belangrijk is om de verslavingsbehandeling los te koppelen van de overige psychische problematiek. Het is niet zo dat die andere psychische problematiek niet relevant is maar de focus moet hier in de kliniek blijven liggen op de verslaving. Psychologen en psychiaters hebben heel sterk de neiging om juist te gaan kijken naar die bijkomende, volgens hen vaak onderliggende, oorzaken. Het onvermijdelijke gevolg is dat cliënten er ook zo naar gaan kijken.  Het is niet zo dat dit bij Hazelden niet aan bod komt; er wordt goed naar gekeken of die bijkomende problematiek geen belemmering is voor de verslavingsbehandeling. Psychologen doen bij Hazelden hun eigen intakes, en behandelen waar nodig die andere problematiek of stabiliseren die, maar zijn vooral ondersteunend, niet leidend in de behandeling. Het mooie is ook vaak dat wanneer je eerst de verslaving goed behandelt, en de effecten daarvan wegneemt, je een veel genuanceerder beeld krijgt van die andere psychische en soms ook lichamelijke problematiek. Als ik naar mijn eigen gedrag kijk in de periode dat ik actief in mijn verslaving zat zie ik trekken van bipolariteit, depressie en persoonlijkheidstrekken die erg op borderline leken. Veel daarvan heb -hoop ik- achter mij gelaten nadat ik stopte met drinken en weer nuchter door het leven ging. Het vervelende en verwarrende is alleen dat de verslaving zelf als een sluimerende aandoening bij je blijft, in je blijft zitten.


Mensen, lees hier ook artsen, psychologen en psychiaters, denken vaak dat wanneer je maar weer allerlei andere problematiek achter je laat en oplost het daarna met die verslaving ook wel zal loslopen. Niets is minder waar. Dit illustreert zeker een wat oudere cliënte die ik op mijn afdeling aan mij krijg toegewezen.  Peggy, zo heet ze niet echt maar dat is even de naam die ik haar hier geef, is tegen de zeventig en net gestopt met werken. Ze had (nog altijd) een prima baan aan de Universiteit waar ze veel plezier in had. Het werken lukte op een bepaald moment niet meer omdat ze te veel was gaan drinken, of beter gezegd wéér was gaan drinken. Toen ik met Peggy, haar geschiedenis doornam, vertelde ze dat ze veertig jaar eerder ook al eens opgenomen was geweest voor een alcohol verslaving. Ze was toen net gescheiden van haar High School liefde, een partner die haar geestelijk en lichamelijk mishandelde. Ze had de opleiding die ze had willen doen niet kunnen afmaken omdat ze vroeg kinderen kreeg, et cetera. De behandeling van toen had goed gewerkt. Ze was gestopt met drinken, had dit kunnen volhouden zonder dat dit haar veel moeite had gekost. Haar leven had daarna zo langzamerhand ook een andere, positieve, wending gekregen. Ze was een nieuwe man tegengekomen, had een goed gezinsleven kunnen opbouwen en daarnaast ook aan haar eigen opleiding en carrière kunnen werken.  Het ging goed met haar kinderen die al geruime tijd de deur uit waren en zij en haar man hadden mooie maatschappelijke posities opgebouwd. Ze hoefden zich geen zorgen te maken over hun pensioen en waren gelukkig samen. Ze konden stoppen met werken wanneer ze dat wilden. Ongeveer een jaar geleden was het begonnen. Peggy had voor het eerst bij een kerstdiner weer eens een slokje wijn genomen uit het glas van haar man. Geproefd, niet meer. Het had haar weinig gedaan, het was geen bijzondere ervaring geweest, dacht ze. Eigenlijk dacht ze, zo besefte ze zich nu, dat wat ze jarenlang had gedacht, namelijk dat ze altijd verslaafd zou zijn en dus zou blijven, een aanname was geweest die niet klopte. Het had haar niets gedaan die alcohol. De smaak van wijn stond haar wel aan, dus wat maakte het dan ook uit? Waarom dan niet gewoon nu en dan meedoen met de anderen in haar omgeving? Haar pensioen was toch aanstaande en ook daar had ze met haar man allerlei mooie plannen voor gemaakt. De eerste drie maanden was er niet zoveel aan de hand geweest Ze had nu en dan een glaasje gedronken, niks opvallends. Daarna was ze echter al snel op een glijdende schaal terecht gekomen, bijna exponentieel zoals ze dit beschreef. Eén glaasje nu en dan werd iedere dag, iedere dag werd het al snel een halve fles of fles. Kortgeleden had haar dochter haar betrapt met twee flessen Wodka in haar koffer, reden voor de acute opname nu.


Ik denk dat veel psychologen of psychiaters die dit lezen zullen denken, er is vast een onderliggende oorzaak dat ze weer drinkt. Er zal nog wel veel meer spelen, dan zij nu kwijt wil en vertelt. En dat is juist het essentiële verschil in behandelvisie en het aanvliegen van het probleem tussen psychologen en ervaren behandelaren van verslaving. Het is feitelijk een bevestiging van wat iedere verslaafde graag wil, ik drink omdat……. En als dat “omdat” weg is, kan het weer. Natuurlijk is het goed dat mijn cliënte Peggy ook gaat kijken of er nog andere zaken spelen die de aandacht behoeven. Maar om hier een goed beeld van te kunnen krijgen, moet eerst die verslaving onder controle zijn. Het effect van de middelen, alcohol in haar geval, moet worden weggenomen. Verslaving kent naast geestelijke afhankelijkheid ook een niet uit te vlakken lichamelijke component; wanneer je lichaam het verslavende middel binnenkrijgt, komt er automatisch een bijna onbedwingbare vraag naar meer. Iedereen die rookt of gerookt heeft, zal dit herkennen als het gaat om nicotine. Als je na een jaar niet gerookt te hebben weer één sigaret opsteekt, rook je meestal binnen een week weer een heel pakje. Maar wanneer het om alcohol of andere middelen gaat als cannabis of cocaïne, zie ik hierover gek genoeg altijd nog veel ontkenning bij behandelaren. Verslaving is geen doseringsprobleem, een mijns inziens bizarre en modieuze term, verslaving is het totale verlies van controle over het gebruik van een middel op het moment dat je het (weer) binnenkrijgt.Peggy heeft de behandeling van haar verslaving succesvol afgerond, wat nog wel naar voren kwam was dat eigenlijk arts had willen worden, net als haar vader, maar dat dit voor meisjes in het milieu waaruit ze kwam niet tot de mogelijkheden behoorde. Met haar boosheid en rouw over deze gemiste kans had ze tot dan toe nooit iets gedaan. Het gaat nu bijna tien jaar later nog altijd goed met Peggy. Voor mijzelf is ze een voorbeeld geweest hoe verslaving een leven lang als een aap op je schouder blijft zitten. Ongemerkt speelde ik ook altijd nog met die gedachte, waarom niet weer eens een drankje, als ik later ergens na mijn pensioen op een terras in Toscane zit? Peggy heeft dat voor mij al uitgeprobeerd.


(Wordt vervolgd)

26 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven