Shit Happens! (XXII)



Aflevering 22 van mijn blog over een zoektocht naar herstel zoals ik dit heb ervaren in 2004/2005


The Mental Traveller 


Ik vul mijn dagen nu zoveel mogelijk met activiteiten die hier in de kliniek worden aangeboden. Vandaag maak ik kennis met zowel Ergotherapie als Timmertherapie. Zoals ik al eerder vertelde, krijgen alle activiteiten hier de toevoeging therapie. Vooral ergotherapie wekt mijn nieuwsgierigheid, want het woord zegt me hoegenaamd niets. Voor deze eerste activiteit blijken we met z´n vijven te zijn, twee therapeuten, waarvan één stagiaire, en drie patiënten: Judith een medepatiënte van mijn afdeling, Amina een ambulante dame en ikzelf. Het doel van deze therapie, zo wordt ons verteld, is te leren plannen en te komen tot een nuttige dagbesteding. Vandaag moeten we proberen voor onszelf één of meerdere doelen te stellen voor de week die gaat komen. Die doelen, merk ik al snel, blijken nogal divers te zijn. Voor Judith is het haar doel om gewoon weer op haar kamer te gaan slapen. Zij, zo blijkt, is zo gewend geraakt aan het slapen in de isoleercel op de gesloten afdeling dat ze niet meer zonder durft. Ik had haar inderdaad de voorgaande avonden vaak op de gang zien ijsberen in haar pyjama om tot een besluit te komen. Toen had ik geen idee waar dat over ging. Verder wilde ze proberen niet meer de hele dag te slapen en wat ritme in haar dag aanbrengen. Tot slot wilde ze gaan bekijken of ze als vrijwilliger aan de slag kon op een kinderboerderij. Dat leek opeens een enorme stap na de twee voorafgaande doelen maar ik hou mijn mond maar en kijk de kat uit de boom. 



De andere patiënte, Amina, heeft in het verleden veel mensen lastiggevallen en beledigd. Zij heeft voor zichzelf besloten om via een intermediair deze mensen om excuus te vragen en haar situatie te laten uitleggen. Ze wil dit niet zelf doen omdat ze bang is om dan in herhaling te vervallen. Amina blijkt last te hebben van psychoses waardoor ze vaak in dit soort situaties terecht komt. Ikzelf stel me voor aan de therapeuten en de medepatiënten en vertel wat over mijn problemen en ervaring tot nu. Ik stel me als doel om zicht te krijgen op de weg naar een oplossing, een weg naar herstel. 


De timmertherapie was iets waar ik echt naar uitkeek, maar dit blijkt in de praktijk niet veel voor te stellen. Als ik hier binnenkom zijn er twee patiënten die beide van buiten komen al een beetje voor zichzelf bezig, de één met het timmeren van een voorgezaagd vogelnestje, de ander is bezig met het uithakken van wat vakjes in een boomstam. Rinus heeft hier de leiding. Hij is type ruwe bolster, maar verder niets. Rinus is het type waarvoor ik op mijn hoede ben, iemand die joviaal doet maar op een neerbuigende manier. Ik ga maar meehelpen met het uithakken van de boomstam, deze schijnt gebruikt te gaan worden voor een project van een kunstenares. Wat of hoe blijft onduidelijk. Na anderhalf uur is de timmertherapie weer voorbij. Er wordt weinig of niet gesproken en na afloop vertrekt iedereen weer zonder een woord te zeggen. 


Ondertussen blijven ze me hier op de afdeling maar dokter noemen, de patiënten. Ik ga er ook niet echt meer tegenin. Los van dat zijn ze mijn uitleg een dag, of soms zelfs een paar uur, later toch alweer vergeten, zo merk ik. Soms brengt het me ook in een erg lastig positie. Op een avond komt zo een medepatiënte naar me toe, neemt me in vertrouwen en vertelt me dat ze die avond in de metro op weg hiernaartoe is verkracht. Nadat ze een uitgebreide beschrijving heeft gegeven met alle akelige bijzonderheden staat ze weer op en loopt verder naar haar kamer. Ik meld het meteen, geschrokken, bij de verpleging, maar voel bij hen onmiddellijk de scepsis. Ik kijk nu letterlijk in de afgrond, en die afgrond kijkt in mij. Het raakt me en ik voel me machteloos. 


De avonden breng ik meestal door in gezelschap van mijn kamergenoot Nico. Wij hebben er al snel een gewoonte van gemaakt om samen zijn favoriete muziek te beluisteren. Deze avond staan Tom Jones, Charles Aznavour en Dean Martin op het programma. Morgen doen we Perry Como en Bing Crosby. Nico kondigt dat op deze manier van tevoren aan zodat het lijkt alsof hij er les in geeft. Eigenlijk is dat ook zo, hij weet er veel meer van dan ik. Opmerkelijk was vanavond dat er iemand van de verpleging binnenkwam die aan mij vroeg of ik last had van de muziek. Die stond inderdaad behoorlijk hard. Ik geniet er juist van, antwoordde ik. We zijn samen herinneringen aan het ophalen en ervaringen aan het uitwisselen. Nico leeft helemaal op en heeft er zichtbaar lol in om mij al zijn cassettebandjes te laten horen en z´n foto´s van Christina Aguilera en Shania Twain te laten zien. Curieus is wel dat hij me overdag, bijvoorbeeld in de kantine, bij het eten gewoon weer negeert en alleen aan een tafeltje gaat zitten. Meestal vraagt hij ’s ochtends zelfs: “zullen we gaan ontbijten? ”om vervolgens in de kantine gewoon aan een andere tafel te gaan zitten eten. De gesprekken tussen ons hebben veelal plaats in de beslotenheid van onze kamer, of soms als we samen op de gang zitten. Hij blijkt een goede verteller met een erg interessante geschiedenis. Hij vindt het vooral prettig om over zaken uit het verleden te praten, het dagelijkse nieuws mijdt hij als de pest. Zijn hoofd zit al vol genoeg, vertelt hij me als ik daar nu en dan eens naar vraag. 


Nico is, zo vertrouwde hij mij toe, de zoon van John F Kennedy en Marilyn Monroe. Eind jaren vijftig is hij in het diepste geheim door zijn pleegouders hier in Nederland geadopteerd. Hij vertelt nog altijd telepathisch contact te hebben met zijn echte, natuurlijke vader. Deze vertrouwt hem zaken toe, fluistert hem dingen in of zegt dat het goed is. Nico verwacht nog altijd op een dag bezoek van de nog laatst levende Kennedy. Op het moment van mijn verblijf in 2005 was dit zijn oom, senator Ted Kennedy. De eerlijkheid gebied mij te zeggen dat Nico qua gelaatstrekken ook een zoon van deze Ted had kunnen zijn. Deze achtergrond en zijn verhalen leiden tot leuke gesprekken en zijn feitenkennis is ook nog eens verbazingwekkend groot. Nico formuleert uiterst helder en doordacht en ik kan hem op weinig inconsistenties betrappen. Het is, merk ik, voor ons beiden een mooie geschiedenis om in rond te dwalen. Zo kom ik ook te weten dat hij een jaar of vijf geleden uit zijn vervuilde woning was gehaald. Sindsdien verblijft hij hier, een opvang die tijdelijk had moeten zijn maar nu redelijk definitief lijkt. Een onpersoonlijke kamer met een kast met wat kleding maar verder bijna niets. Als we het over die uit huis plaatsing hebben, merkt hij wel op dat hij daarbij al zijn spullen en herinneringen is kwijtgeraakt. Hij heeft geen idee wat hiermee is gebeurd. Vrienden en bekenden van 5 jaar geleden ziet hij nooit meer. Hij heeft geen adressen en telefoonnummers meer van hen. Als hij hierover vragen stelt aan de staf, wordt er volgens hem altijd ontwijkend gereageerd. Ook maakt hij zich zorgen, zijn pleegouders zijn al oud, wie moet er in de nabije toekomst zijn zaken, vooral financiële zaken zo begreep ik, gaan regelen? Nico gaat wel uit eten met een ex-patiënte van hier. Uit eten gaan of ergens koffiedrinken doet hij wel vaker, alleen of met zijn vader of moeder. Deze afspraken duren, en dat is niet verwonderlijk, altijd betrekkelijk kort. Rond half negen, negen uur is hij weer terug, haalt z’n medicijnen en gaat op bed liggen en valt in slaap terwijl de muziek nog doorspeelt. 


Zowel met Nico als met Dirk, de patiënt met de afkeer voor Halal vlees en grote interesse voor bussen en trams, groeit er een band tijdens mijn relatief korte verblijf in de kliniek. Omdat er in de rookruimte nu alleen nog een radio beschikbaar is die zich niet zo gemakkelijk met een afstandsbediening van zender laat wisselen, kan het nu voorkomen dat we soms meer dan een uur onafgebroken naar een programma kunnen luisteren. Dit heeft als voordeel dat Nico en Dirk deze ruimte ook vaker bezoeken. Vaak staat de radio afgestemd op Classic Rock, in ieder geval dat denk ik want je hoort vaak dezelfde platte Amerikaans rockmuziek voorbijkomen. Maar het leuke hiervan is nu dat Nico, Dirk en ik een spelletje hebben bedacht. Bij een nieuw ingezet liedje moeten we zo snel mogelijk proberen te raden wat de titel is en wie het uitvoert. Een gloednieuwe therapie, gratis en voor niets en die ontlokt zowaar nu en dan ook wat reacties van de andere aanwezigen in dit anders zo doodse en deprimerende dagverblijf. Ik merk dat de verpleging hier wat minder blij mee is. Ze vertellen me dat het voor nu misschien we leuk lijkt maar dat dit ook een aantal patiënten te zeer uit hun dagelijkse patroon kan halen. Dat brengt me weer even terug bij mezelf.


Zo langzamerhand ben ik ongemerkt al meer geïntegreerd en geacclimatiseerd dan ik op voorhand had verwacht. Ik heb hier in een paar dagen mijn eigen wereldje en bezigheden om me heen gecreëerd zonder dat ik er eigenlijk erg in had.? De eerste schok was natuurlijk de binnenkomst, zo gek ben ik toch niet? Hier hoor ik niet bij! Zij zijn gek, ik niet. Dat helpt zeker, het geeft je in ieder geval een indruk van hoe diep je had kunnen vallen of misschien nog kan vallen. Dat brengt me weer bij de les. Mijn verblijf hier doet me nog het meest denken aan de tijd die ik als dienstplichtig militair in het leger heb doorgebracht. Dat was maar liefst 14 maanden zalig nietsdoen, alleen sliep ik toen veel meer dan nu en werd daar ook nog voor betaald. Daar konden de beroepsmilitairen op hun eigen manier ook baasje spelen over de meute, ook vaak zonder een schijnbaar doel. Ook daar had je vreemde snuiters om je heen die trouwens vaak nog absurder gedrag vertoonden dan de patiënten hier. In het leger werd iedereen rustig gehouden met goedkoop vermaak en bier voor vijftig cent per glas. Het is een soort van equivalent van de pillen die hier in ruime mate worden verstrekt. Ik neem nu voor mezelf het besluit om in ieder geval met deze pillen te gaan stoppen; eens kijken of dat wat oplevert. Ik ben tot dusver vooral een observator en gefocust op mijn omgeving en probeer die wat leefbaarder en aantrekkelijker te maken. Ik heb nog geen antwoord op belangrijke vragen voor mezelf als: “gebeurt er hier iets met je?” Kom je tot jezelf of tot oplossingen? Voel je jezelf beter worden hier?


(Wordt vervolgd)

12 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven