Shit Happens (XVIII)



Aflevering 18 van mijn blog over een zoektocht naar herstel zoals ik dit heb ervaren in 2004/2005


In de Mallemolen


We zijn doorverwezen door de crisisdienst naar het Sociaal Psychiatrisch Diensten Centrum (SPDC) in Amsterdam-Oost. Daar aangekomen nemen we plaats in een immense hal waar slechts één klein zitje is neergezet. Vanuit een andere ruimte, vanachter glas, zwaait een wat oudere dame naar ons alsof we oude bekenden van haar zijn. We zwaaien gezellig terug. Het is in ieder geval een warm en vriendelijk welkom. Dit keer hoeven we niet zo lang te wachten voordat we door mogen. De portier vertelt ons kort na binnenkomst dat we worden verwacht op de open afdeling op de tweede verdieping. Wanner we naar boven lopen, krijgen we meteen een inkijk in de gesloten afdeling op de eerste etage. Het glazen trappenhuis ligt centraal in het midden van het gebouw. Deze afdeling ziet er vanuit het trappenhuis erg spannend uit. Ik zie mannen rondlopen in een soort van groene operatiepakjes; patiënten ontwaar ik zo op het eerste gezicht niet.We worden goed ontvangen door dokter Fiona, weer een arts in opleiding en verpleegkundige Silvia. De intake is bemoedigend, zij leggen ons de gang van zaken uit voor de komende tijd. Gesprekken, observaties, diverse bezigheidstherapieën geneeskundig onderzoek, dat soort zaken. Het wekt zo langzamerhand wat vertrouwen bij ons. Aan het eind van het gesprek vraagt verpleegkundige Silvia opeens of we kunnen afspreken dat ik tijdens mijn verblijf daar geen zelfmoord ga plegen. Op dat moment een vraag die me overrompelt. Ze willen duidelijk geen risico’s nemen met mij, confronterend maar begrijpelijk. Ik moet daarom ook de eerste drie dagen binnen blijven, vertelt ze me, vanwege dat risico. Ik stel haar gerust en zeg voorlopig even geen plannen te hebben. Voor wat dat waard is. Ik ga mijn kamer delen met Nico, een rustige man met nu en dan wat rare uitspraken en verhalen. Maar daar moet ik volgens haar niet te veel aandacht aan schenken.  



Terwijl zij mijn kamer gereed gaan maken, mogen Heleen en ik voorlopig naar de rookruimte en vast even rondkijken op de afdeling. Een pak van mijn hart, gelukkig hebben ze er nog een rookruimte! Hier komt de eerste schok, waarschijnlijk ook zo bedoeld denk ik op dat moment. Mijn God wat een stelletje dieptreurige en zielige hoopjes mens treffen we hier aan. Ik zie mannen en vrouwen bij elkaar in een soort woonkamer die apathisch en voorover hangend in hun stoelen zitten. Een enkeling maakt daarbij een repeterende knikkende beweging.  Voor het eerst dient de vergelijking met “One flew over de cuckoo's nest” zich nadrukkelijk bij me aan. Boek ooit gelezen, film gezien, nu “the real life experience” zo lijkt het. De krappe ruimte waarin ze zitten was duidelijk ooit wit maar is nu een palet vol met aardtinten van lichtgeel naar donkerbruin en compleet uitgewoond. Ik zie Heleen naast mij ook betrekken. Hoe veel erger moet het nog worden voor ik weer wat opknap, is dit een nieuw dieptepunt? Hier laat je nog geen hond verblijven. Toch gaat Heleen me hier nu achterlaten, realiseer ik me. Ik weet me even geen raad, verplaats me ook even in haar, zou ik haar hier achterlaten? Hm… Dit lijkt geen therapie of wat, dit is gewoon straf, iets anders kan ik er niet van maken. Ik weet me even geen raad meer met de situatie maar besluit dat ik het voorlopig toch maar even aan ga zien. Het gezin heeft thuis rust nodig weet ik en hier heb ik in ieder geval voor nu even onderdak. Dan maar niet of wat minder roken en misschien valt mijn kamer mee. 


Heleen vertrekt al snel, de jongens thuis moeten nu ook weer eens wat aandacht. We nemen zwijgend afscheid, de gemengde gevoelens kan ik van haar gezicht aflezen.Voor mij wordt het nu overleven besef ik me, gewoon maar op me af laten komen. Ik ga er van uit dat ik hier nu in goede handen ben en hulp zal krijgen.  Na een tijdje gewacht te hebben in de rookruimte word ik gelukkig gehaald door zuster Silvia die me naar mijn kamer brengt. De vergelijking met mijn militaire dienst doemt nu bij me op. Een steriele onpersoonlijke kamer met douche, toilet, wastafel, kast en blauw linoleum op de vloer. Mijn kamergenoot die er op dat moment trouwens niet is heeft de zaak wat verluchtigd door twee foto´s van zijn favoriete popsterretje op de wand te plakken. Maar verder ontwaar ik niets persoonlijks van hem. Een keurig opgemaakt bed, een kast en twee posters van een blond country sterretje op het prikbord. Dat is zijn wereldje hier. Ik richt mijn kant van de ruimte zo goed en zo kwaad als dat kan in en krijg voor paar euro borg een sleutel van de kamer. Daarna eerst toch maar weer naar de rookruimte, die andere verslaving van me voeden, die ga en kan ik hier trouwens niet opgeven. Met frisse moed neem ik me voor er wat van te maken. Door nog een verpleegkundige, overdag hebben er meestal drie of vier dienst, word ik rondgeleid op de afdeling en wegwijs gemaakt. Waar ik schoon beddengoed en handdoeken kan vinden. Waar het bad is, als je een bad wilt nemen. Ook is er een was-en droog ruimte voor je als je de eigen was wilt doen. Tot slot wordt me nog verteld dat de verpleegkundigen het best prettig vinden als je nu en dan bij hun een praatje komt maken. Dat lucht op.  


De eerste medebewoner die ik ontmoet als ik terugkom in de rookruimte, is Marijke. Zij is minstens 150 kg zwaar en heeft een half en een heel been. Ze zit onderuitgezakt in een voor haar totaal niet passende rolstoel. Ze lijkt er in of mee vergroeid, dat is moeilijk vast te stellen. Haar leven bestaat, zo stel ik ook in de komende dagen vast, uit vijf activiteiten, slapen, zitten, roken, eten en koffie drinken. Daarnaast kijkt ze ook nog tv, maar eigenlijk telt dit niet. Als je haar vraagt waar ze naar kijkt, dan kan ze daar geen antwoord op geven. Ze kijkt alleen maar omdat je naar een televisie hoort te kijken het maakt trouwens ook niet uit of hij aan staat of uit. Ze posteert zich om acht uur in de ochtend in de rookruimte en verlaat deze rond middernacht weer. Met tussendoor als uitjes: het aankleden wat door de verpleegkundige gebeurt, en de eetpauzes waarvoor ze wel naar beneden naar het restaurant moet. Koffiedrinken en roken doet ze onophoudelijk. Om de 10 minuten moet er koffie met heel veel suiker voor haar gehaald worden uit de automaat die midden in de rookruimte staat. Met een heel zielig en zeurderig toontje vraagt ze dit steeds weer aan een van de medebewoners. Na een tijdje komt van ergernis weliswaar de rook uit je oren, maar om te vermijden dat ze het nog een keer, nog zeurderiger en nog pregnanter vraagt, geef je het haar uiteindelijk maar zo snel mogelijk. Het roken zorgt daarnaast nog voor meer onrust. Ook dit doet ze onafgebroken, ze haalt daarbij adem op een manier waarbij het lijkt of het ieder moment met haar afgelopen kan zijn. Toch komt er iedere keer uiteindelijk weer die voor haar bevrijdende rochel. Daarna is er weer voor een paar momenten betrekkelijke rust in de tent. Ze doet zelf niets meer, ze laat bij voorkeur alles voor zich doen. Haar moeder, dat begreep ik van de verpleegkundige, wil en kan het niet meer aanzien omdat ze zich aan het dood eten is. Zelf vraag ik me af, haar moeder? Heeft ze die dan nog? Hoe oud zou ze zijn? Ik schatte haar al rond de zeventig, ze moet dus een stuk jonger zijn. Toen ik haar eens op een wakker moment vroeg hoelang ze hier al zat, mompelde ze me dat dit al wel een jaar of vier of vijf moest zijn. Ik was verbijsterd. Hoe kan je iemand zo lang zo doelloos laten vegeteren? Een comapatiënt lees je toch ook voor?  


Ze rookt shag, zoals bijna al haar medepatiënten hier, omdat dat goedkoper is. Maar net als alle anderen rookt ze toch veel liever gewone filtersigaretten. Dus als je dan filtersigaretten rookt zoals ik, ben je hier zwaar de lul. Op haar eerder gememoreerde zeurderige toon vraagt ze om de tien minuten “meneeeeeer! “ mag ik een sigaretje van u?”.  In het begin was ik natuurlijk aardig en attent en ging ik daarin mee. Alleen was ik daarna ook meteen een “sitting duck” voor haar en de rest van de club en koste één bezoekje aan de rookruimte me al snel vijf filtersigaretten. Marijke is ook de eerste mens die ik al slapend en snurkend een shagje heb zien draaien. Ik weet zeker dat ze sliep want haar snurkgeluid klinkt echt anders dan haar “normale” gerochel. Ik had ruim de tijd om hier een studie van te maken. Toen ik haar handen eens wat beter bekeek, zag ik dat haar twee rookvingers niet bruin of geel waren van de nicotine en teer zoals zo vaak bij verstokte rokers, maar zwartgeblakerd door de vele brandplekken. Als ze in slaap valt, blijft ze de doorsmeulende peuk ook gewoon vasthouden. Op de rest van haar handen zitten trouwens ook veel brandplekken. Warm gerookt mensenvlees, die handen van haar, even goed schudden en het vlees valt zo gaar van het bot, zou je bijna gaan denken. Een lugubere gedachte.

Vlak voor de televisie in de rookruimte zit meestal David, zo heet hij meen ik ergens opgevangen te hebben, want hij communiceert amper en als hij iets probeert te zeggen is hij onverstaanbaar. Hij zit op z´n stoel op minder dan 1 meter van de tv te knikken met z´n hoofd en met de afstandsbediening in zijn hand. Om de 30 seconden verandert hij de tv van zender. Opmerkelijk hierbij is dat niemand van de overige kijkers daar iets van zegt. Zo gaat het hier gewoon, dit is de dagelijkse gang van zaken. Al rokend kijk ik ook mee, alsof ik in de vlammen van een open haard kijk. Ook David is zo´ 150 kg zwaar schat ik, misschien wel zwaarder, en zo te zien zit hij hier z´n leven uit.


Al snel hoor ik dat er nog een tweede tv-kamer is waar niet gerookt mag worden. ´t Is daar een stuk rustiger zo begrijp ik. Hier zou je wel rustig een tijdje naar een zender kunnen kijken. Wanneer ik hier een paar keer ga zitten en afstem op een zender duurt het steeds niet zo lang voor er ook daar iemand binnenkomt die hem dan subiet op een Duitse of Italiaanse hoempazender zet en me na vijf of tien minuten weer vertwijfeld achterlaat. Zonder ook maar een woord of een blik met me te wisselen. Mijn eerste dag zit er dan bijna op, ik vraag me af of ik hier op de goede plek ben, of dit de instelling is waar ik ga herstellen?


(Wordt vervolgd)


21 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven