Shit Happens! (XI)



Een wekelijkse blog over een zoektocht naar herstel zoals ik deze heb ervaren in 2004/2005, deze week aflevering XI


De Detox

Naar de Ambulante detox dus, een week later op dinsdagochtend is het dan zover. Op het fietsje vertrek ik naar de Van Lohuizenlaan, toen nog een uithoek van een industriegebiedje in Amsterdam-Zeeburg - ze zoeken hun locaties wel uit bij de Jellinek.  Met een groep van 10 mensen ga ik een soort afkickprogramma volgen, zo heb ik begrepen.  Sinds drie dagen heb ik (bijna) niets meer gedronken en voel me wat onzeker en bibberig. 



Ik meld me bij de portier en word door hem doorverwezen naar een soort klaslokaal waar al een paar van mijn lotgenoten voor de komende week zitten te wachten. Langzaam maar zeker druppelt nu ook de rest binnen. Normale mensen zo op het eerste gezicht. Wat ik niet verwacht had, ook een aantal wat jongere dames. Al snel blijken dit moeders van nog jonge kinderen. Eén jongere man van rond de 30 jaar die alleen Engels spreekt. Verder nog een paar oudere mannen van achter in de zestig. Geen echte leeftijdsgenoten van mezelf. De meeste dames komen om af te kicken van hun cannabis verslaving. Een jonge moeder met een kind van twee is net als ik en de meeste overige mannen aan de alcohol. De jonge Brit, werkzaam in de modewereld, is hoe kan het ook anders, verslaafd aan de cocaïne. Al heel snel komen de onderlinge gesprekken goed op gang. Iedereen vindt het erg gemakkelijk om open en eerlijk over zijn of haar verslaving te praten. Verslaafd zijn, met alle daarmee gepaard gaande gekte, schept kennelijk een band. De één probeert de ander af te troeven met nog sterkere verhalen over de eigen verslaving. Hoe ver je bereid bent te gaan om alles voor de buitenwereld verborgen te houden, is een geliefd onderwerp van gesprek. Het geeft meteen een vertrouwd gevoel, zo van zie je wel ik ben niet de enige. Het zijn er meer, veel meer en ook “relatief normale mensen” net als ikzelf. Ik heb er als een berg tegen het volgen van dit programma op gekeken, maar al binnen een half uur voel ik me volledig op mijn gemak. Wie weet gaat het lukken? Voor de buitenwereld voel ik me wel een drop-out, een mislukking. Waarom heb ik het zover laten komen?  


Een van de aan hasj verslaafde dames vertelt meteen al dat zij hier twee weken eerder ook al was geweest. Het programma is toen niet door gegaan omdat ze intern bij de Jellinek waren vergeten om nog meer deelnemers uit te nodigen. Bizar denk ik, want ze hadden mij op de Vlaardingenlaan verteld dat ze voor mij met moeite twee weken later nog een gaatje hadden gevonden.  


De start van het programma is uitermate vreemd. Onze begeleidster, we noemen haar al snel juf, begint met het stellen van een vraag aan ieder van ons: “Wat wil je, stoppen met de alcohol of drugs, of weer normaal gaan drinken of gebruiken?” Ik zie bij iedereen een soort van verbazing die ik ook bij mijzelf voel. Is er dan nog een andere weg dan helemaal stoppen? Denkend aan de vaak gebezigde zegswijze: ‘Eenmaal een alcoholist altijd een alcoholist.’ Toch vertelt iedereen braaf nu echt te willen stoppen. Met die insteek starten we het programma ook.  Deze vraag blijft mij tijdens de cursus wel telkens bezighouden, zou er dan ook een training bestaan om weer normaal te leren drinken?  Navraag leert dat dat volgens de inzichten van de Jellinek inderdaad moet kunnen. Een wat verwarrend perspectief. 


Het detox programma waar we met zijn allen aan beginnen, bestaat voor het merendeel uit voorlichting over alcohol en drugs. Wat die middelen doen met je geest en je lichaam. Voor mij eigenlijk allemaal bekende materie die ik bij mijn opleiding tot leraar in de horeca vakken jaren terug ook al bestudeerd heb. Sociale hygiëne heette het daar. Daarnaast gaat het vooral over structuur aanbrengen in je leven en de motivatie te vinden om van de middelen af te blijven. Hier ligt het eigenlijk niet aan, denk ik. Ik wil echt wel stoppen en functioneer nog, tenminste als ik niet drink. Ik ben alleen niet bij machte echt te stoppen. Ik val telkens weer terug en blijf drinken terwijl ik er steeds slechter tegen kan. Tijdens deze detox dagen kost het me trouwens weinig moeite om niet te drinken, ik ben nu constructief bezig, en heb me voorgenomen nu definitief een punt te zetten achter mijn verslaving. De alcoholisten krijgen de eerste dagen ook iedere ochtend een librium pilletje en vitaminen verstrekt tegen eventuele ontwenningsverschijnselen. Mijn eerste kennismaking met de benzo’s !(benzodiazepines, een verzamelnaam voor kalmerende middelen)  Een op doktersrecept verkrijgbaar substituut voor alcohol zo leer ik nu. 


Eén van de oudere mannen, Thijs, is halverwege de zestig en drinkt en rookt. Hij zit hier, zegt hij, om te stoppen met roken omdat hij te veel last krijgt van vernauwde bloedvaten. Maar van de begeleidende arts hier moet hij nu ook de alcohol laten staan, iets waar hij het duidelijk niet mee eens is. Als Thijs iets gaat vertellen, wat hij maar al te graag doet, worden dat oneindige verhalen met vele vertakkingen naar uiteindelijk onontwarbare zijpaden. Uiterst vermakelijk maar onze begeleidster, een wat stugge en strakke schoolse juf, heeft het er duidelijk moeilijk mee. Ze vindt het trouwens vaker moeilijk haar afschuw te verbergen als iemand de excessen van zijn of haar verslavingsgedrag naar voren brengt. Dit is een zijpad dat ze nadrukkelijk mijdt. Terwijl ik juist al had gemerkt dat het onderling praten over je verslaving juist heel relativerend en ontspannend werkt. Het zorgt voor een onderlinge verbondenheid en het werkt, zeker in het begin, heel bevrijdend. Uiteindelijk wordt Thijs al snel weggestuurd, omdat hij tijdens de behandeling toch ’s avonds blijft drinken. Ik verdenk onze juf ervan dat ze hem gewoon te lastig vindt. Wij als groep hadden er geen problemen mee en doen nog even ons best om hem voor de groep te behouden. Hij heeft echt wel zorg nodig vinden we, maar het mag niet baten. Er moet kennelijk een daad gesteld worden en Thijs wordt geofferd. 


Een verhaal apart is Annet, een Duitse van oorsprong die bijna perfect Nederlands spreekt.  Ze heeft een man en een kind van twee en woont in Amsterdam Zeeburg. Op het eerste gezicht lijkt ze vrolijk maar ze is duidelijk erg ongelukkig hier en barst een aantal malen in tranen uit.  Ze bezat zich voornamelijk thuis, en in het park als ze met haar kind aan het wandelen is. Ze is terwijl ze op haar kind paste al een paar keer bewusteloos uit huis gehaald en in het ziekenhuis beland. Ik besef me als ik haar observeer, dat ze op mij lijkt qua gedrag hier tijdens de cursus. Ze doet uitstekend mee, is aardig en serieus maar “echt” is het allemaal niet. Vastbesloten om deze twee weken tot een goed einde te brengen maar dan...? Later hoor ik dat het met haar alweer heel snel is misgegaan. Het verbaast me niets. 

Het is ook de brandende vraag van iedereen die deelneemt aan deze 10-daagse, wat zijn de ervaringen van de Jellinek na het volgen van dit programma? Hoeveel mensen blijven nu eigenlijk clean of nuchter na een behandeling? Het antwoord is tegelijk ontluisterend en ontmoedigend. Uit onderzoek blijkt dat het 10-15 % van de deelnemers daadwerkelijk lukt om langere tijd van hun “middel” af te blijven. Concreet, van ons groepje is er waarschijnlijk maar één persoon bij wie dat zal lukken. Ik ben meteen ook wel zeer benieuwd hoe ze dat meten. Iedere verslaafde is een doorgewinterde leugenaar dus hoe betrouwbaar zijn de uitkomsten van die enquêtes? 


Dat brengt me bij Bert, die hier al voor de tweede keer is. Bert is geen zware drinker maar een alleenstaande 70-jarige die hier duidelijk voor de gezelligheid zit. Een belangrijke reden voor Bert om hier te zijn is de volgende. Hij wil eigenlijk geen bier meer voor zichzelf kopen maar dat geld liever gebruiken om een pakje echte boter te kopen. Een luxe die hij zichzelf nu onthoudt.  Dit verhaal vertelt hij te pas en te onpas. Wat ook de vraag mag zijn die hem in eerste instantie gesteld wordt, hij komt uiteindelijk altijd met zijn verhaal weer bij zijn pakje echte boter uit. “Waarom deden ze eigenlijk twee weken geleden zo moeilijk om mij te laten deelnemen aan dit programma? “, denk ik bij mezelf. 

Bert is aandoenlijk, dat vinden we allemaal. Wat hij nodig heeft is echter een sociale omgeving, geen detox programma. Hij lijkt ons geen verslaafde. Na een paar dagen begint iedereen kleine cadeautjes voor hem mee te nemen waardoor hij ontroerd raakt. Op een gegeven moment barst hij in tranen uit. Hij voelt zich inderdaad vaak alleen. Gelukkig ontfermen de dames zich over hem. Maar voor hoelang en wat dan daarna? Het leidt mij weer af, ik houd me, merk ik, vooral bezig met mijn lotgenoten, niet met mezelf. 


(Wordt vervolgd)

54 weergaven1 opmerking

Recente blogposts

Alles weergeven