Shit Happens! (51)

Oud & Nieuw


Aflevering 51 van mijn blog over een zoektocht naar herstel van 2004 tot 2011.


Hoe bijzonder is het in een ander land, in een ander werelddeel wakker te worden in de wetenschap dat je daar een jaar van je leven gaat doorbrengen. Ik word die eerste dag in Minnesota pas laat in de middag wakker. Het is ook doodstil in mijn nieuwe omgeving. Er is geen verkeer en een dik pak sneeuw dempt alle geluiden. Ik kijk vanuit mijn woonkamer uit op een bevroren en dik besneeuwd meer. Schaatsen zal onmogelijk zijn er ligt meer dan 40 cm, best wel jammer. Ik had er nog even over nagedacht mijn noren mee te nemen. In mijn nieuwe onderkomen heb ik een open haard die, erg praktisch, op gas gestookt wordt. Voor de echte verwarming heb ik een hete lucht systeem dat de hele ruimte in een minuut of drie vanuit het niets op een aangename temperatuur brengt. Erg fijn in dit pool klimaat. De eerste aanschaf die ik bovenaan op mijn boodschappenlijstje zet, is een dikke warme ochtendjas. Ik mag van mijn huisbazen binnen niet roken, dat moet nu noodgedwongen buiten op mijn balkon in de kou. Idioot wat een mens voor lief neemt om een verslaving te onderhouden. Bij min 20 graden Celsius in een sneeuw "blizzard" toch naar buiten gaan om te roken. In minder dan een minuut is de achterkant van mijn lijf helemaal besneeuwd, terwijl ik aan de voorkant een bescheiden as kegeltje produceer. Het geeft weinig bevrediging maar het moet. Ooit zal ik stoppen.


Er ligt er al een groot pakket met studieboeken, die ik voor het eerste trimester had besteld, op me te wachten. Die pak ik eerst maar eens uit. Het is een intimiderende stapel, zeker als je in acht neemt dat er nog twee trimesters met nieuwe literatuurlijsten moeten volgen. Voor mijn eigen geruststelling ga ik er voorlopig maar vanuit dat ik niet alles zal hoeven lezen. IJdele hoop zo weet ik nu achteraf. Ik leg mijn eigen Dikke van Dale woordenboek Engels-Nederlands er maar vast bovenop. Ik maak me erg zorgen over het schrijfwerk, verslagen, scripties, et cetera die ik ongetwijfeld zal moeten produceren. Ik ben geen digibeet maar erg bedreven en handig in de benodigde software ben ik nou ook weer niet. Mijn kinderen hebben me voordat ik vertrok nog een spoedcursus PowerPoint gegeven. Ook al zoiets waarin ik me nog nooit had verdiept. Het lijkt allemaal zo eenvoudig, maar dat wordt het pas als je het door hebt en dat valt me nog niet mee.



Het is oudejaarsdag maar ik merk hier niets van de gezellige drukte die in Nederland op die dag gewoon is. Wanneer ik ga winkelen in de dichtstbijzijnde Wal-Mart waan ik me in de setting van een Zombie film. Alles is grijs en de veelal ietwat corpulente mensen duwen hun winkelkarretjes traag voort terwijl ze er half overheen hangen. Het duurt ook even voordat ik doorkrijg dat een groot deel van de verlichting niet functioneert. Dat maakt alles nog net iets troostelozer. Als ik mijn boodschappen op de band leg, worden deze in een tas gedaan en naar mijn auto gebracht door iemand die mijn vader had kunnen zijn. Ik geneer me maar besef me ook dat ik hem er geen plezier mee doe zijn hulp af te wijzen. Zo werkt het hier, ik zal nog wel aan veel meer zaken moeten wennen. Zo is het ook al snel avond en ga ik ongemerkt het nieuwe jaar in. Zeven uur eerder heb ik mijn kinderen nog aan de lijn gehad, met op de achtergrond de gebruikelijke herrie van Chinese rollen en vuurpijlen. Geen vuurwerk hier, alles blijft donker en stil. Ik ga vroeg slapen het is nog even wennen aan het tijdsverschil. Oud & nieuw brengt ook ieder jaar weer die afschuwelijke herinnering bij me boven. Mijn vader overleed op nieuwjaarsdag, ik was nog maar zeven. Hij ging nog bij me langs die avond, vroeg of ik al sliep. Ik hield me stil en deed alsof. Ik weet niet waarom, ik ben me altijd af blijven vragen wat er gebeurd zou zijn als ik hem wel geantwoord had. Nu liep hij, na het nog een keer gevraagd te hebben, door naar zijn slaapkamer. Korte tijd later hoorde ik een vreemd rochelend geluid. Gek genoeg wist ik meteen dat het niet goed was, er iets vreselijks aan de hand was. Ik riep meteen mijn moeder die nog in de woonkamer was. Een grote consternatie volgde, ik hoor haar nog zijn naam roepen toen ze probeerde hem weer bij te brengen, maar het had geen zin meer. Mijn vader was overleden aan een acute hartstilstand. Mijn leven veranderde toen op slag, ik was opeens dat kleine jongetje zonder vader. Dat kleine jongetje kom ik hier nu weer tegen. Nu ik ver verwijderd ben van iedereen die me dierbaar is. Het is net of die herinnering weer tastbaar wordt.


Ik tel af naar mijn eerste dag bij Hazelden. Op nieuwjaarsdag ontmoet ik mijn huisbazen weer voor het eerst. Ze hebben hun families op bezoek en nodigen mij ook uit voor een drankje. Het is leuk kennis te maken met de familie. Ik krijg al snel door dat ze ook erg nieuwsgierig zijn naar mij. Vooral de oude vader van Vicky maakt graag een praatje met me. Zij waarschuwt ons al op voorhand om het vooral niet over politiek te gaan hebben. Niet dat dat lukt, het is erg grappig hem een paar vette Obama grappen te horen vertellen. Ik realiseer me dat je die niet zo snel in Nederland te horen zal krijgen. Ik blijk in een overwegend republikeins nest geland te zijn en dat is best even schrikken. Ik besef me ook dat dit wel goed voor me is. Het kan me helpen ook eens objectief te leren luisteren naar een ander verhaal, eens niet meteen te oordelen en het beter te weten. Ik ben hier per slot van rekening in dit land bij deze mensen te gast. Het is ook best wel even lastig om te schakelen naar het Engels, of beter gezegd Amerikaans, omdat dat soms een beetje afwijkt van de Britse variant qua uitspraak of betekenis. Ik versta het prima maar moet erg naar woorden zoeken als ik iets terug wil zeggen. Ik neem me al snel voor om mijn woordenschat stukje bij beetje wat aan te vullen door gewoon uitleg te vragen wanneer ik iets niet begrijp of zo nu en dan een precieze betekenis op te zoeken in het woordenboek. Lange tijd geen Nederlands praten of schrijven zal me ook helpen.


Op maandagochtend is het dan eindelijk zover. Ik meld me bij het Hazelden Cork Centre, het gebouw waar de Graduate School is gevestigd. Erg spannend, ik heb nog niet echt een idee wat ik er van moet verwachtten. Ik ontmoet hier ongeveer 30 andere aspirant studenten, aspirant want de eerste week bestaat uit een omvangrijk introductieprogramma dat we moeten doorlopen voordat we echt aan de slag mogen. De eerste dag doen we allerlei kennismakingsactiviteiten. Elkaar interviewen en dan de ander voorstellen aan de groep, een groepsfoto maken dat soort dingen. De groep studenten is gelukkig erg gemixt, ongeveer evenveel jongeren als ouderen. De jongeren doen de opleiding meestal als vervolg studie na eerst een bachelor in psychologie te hebben gehaald. De ouderen zijn vaak net als ik vanuit een eigen ervaring met verslaving geïnteresseerd geraakt in deze opleiding. Samen met een Deense jongeman en een Britste dame vorm ik het buitenlandse aandeel in de groep. Zoals gezegd moeten we eerst grondig worden ingewerkt in de werkwijze en protocollen van Hazelden. Dat betekent veel informatie over privacy wetgeving en allerlei zaken die daarmee verband houden. Het is veel leeswerk dus en veel handtekeningen zetten voor akkoord, dat je het gelezen hebt. Vertrouwelijkheid en geheimhouding van informatie is een eerste vereiste hier. Omdat we meteen na de eerste week al stage gaan lopen in de kliniek krijgen we ook een stoomcursus hoe te werken met het elektronisch patiëntendossier van Hazelden. Dat blijkt meteen al een fors obstakel. We krijgen cursus van Becky, hoofd automatisering en een op het eerste gezicht aardige en aantrekkelijke blondine. In de praktijk blijkt ze echter geen genade te kennen. In een moordend tempo loodst ze ons door de verschillende onderdelen van het programma. Na ieder onderdeel moeten we een testje maken waarmee we onze vaardigheden kunnen aantonen. Daarna mag je pas weer verder. Al het mis gaat, spreekt ze je streng toe. Ze wijst je steevast op de verregaande consequenties die het kan hebben als je in de praktijk straks fouten maakt. Er is zelfs een speciale afdeling binnen Hazelden die toeziet op correct gebruik van het systeem. En soort Big Brother. Het is doodvermoeiend naast alle informatie die we krijgen aangeboden ter introductie van de studievakken voor het eerste trimester. Gelukkig hebben mijn lotgenoten, jong en oud, het er ook moeilijk mee en zorgt dit tussen de bedrijven door meteen al voor een band. Al op de eerste dag komt er ook een Canadese medestudente naar me toe die een trimester eerder is begonnen. Ze vertelt me uitgebreid hoe moeilijk en intensief zij de eerste weken heeft ervaren. Ze biedt haar hulp aan mocht dat nodig zijn. Erg lief want ik begin me zorgen te maken over de haalbaarheid van het project. Aanvangsperikelen als ik haar mag geloven want ze vertelt me dat het voor haar na een week of drie vier al een stuk overzichtelijker en rustiger werd. Ik klamp me voorlopig maar aan dat idee vast. Even doorbijten maar, de Amsterdamse psychiatrie heb ik per slot van rekening ook overleefd. Daarna komt er meteen al een medestudent naar me toe, Jim, mijn leeftijd en met paardenstaart. Hij vertelt me een heel verhaal over zijn zoon die in Duitsland studeert en nodigt me meteen die avond uit thuis bij hem te komen eten. Zijn vrouw is Mexicaans van origine en zal volgens Jim een heerlijke Mexicaanse maaltijd voor ons maken. Ze wonen wat zuidelijker in White Bear Lake, een plaatsje dat zijn naam ontleent aan de ijsberen die daar tot in het midden van de 19e eeuw nog rondliepen. Het is duidelijk dat iedereen hier zijn best doet om het me naar de zin te maken. Dat voelt goed en die steun kan ik op dit moment goed gebruiken.


(Wordt vervolgd)

23 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven