Shit Happens! (II)

Bijgewerkt op: 25 okt. 2018

Blog over een zoektocht naar herstel, aflevering II


Op vakantie naar Zweden.


In het voorjaar van 2003 kwam mijn vrouw ineens met het idee om die zomer voor Denemarken en Zweden te kiezen als vakantiebestemming. “Goed idee”, zeg ik, “lijkt me een prachtig land”, maar meteen ook slaat de schrik me om het hart. Om ietwat tegengas te geven, som ik quasinonchalant een aantal nadelen op, “Zweden is toch het land waar alles zo duur is?’ “Niet alleen de drank maar ook eten, campings bedenk het maar’” Vol overgave probeer ik nog het tij te keren. “Waarom niet gewoon naar Frankrijk of Duitsland waar alles betaalbaar is en binnen handbereik?” “En allemachtig wat een ongelooflijk eind rijden ook.” “Kees, onze jongste zoon (we hebben er twee) wordt toch altijd snel wagenziek?” “Waarom niet naar Winschoten, daar zijn we ook nog nooit geweest?” Grap ik nog tegen beter weten in. Ik weet dat ik deze rampspoed niet meer kan keren. Een vakantie zonder of in ieder geval met weinig alcohol!





In mijn hoofd komt nu een heel raderwerk op gang met mogelijkheden, onmogelijkheden, kansen en uitvluchten. Dit alles met maar één doel, het kunnen blijven voeden van mijn verslaving, een verstekeling die ook meegaat op vakantie. Voor mezelf begin ik ook meteen al te plannen, hoe moet ik dit alles regelen als we toch gaan? We hebben een oude Volvo en die kennen de Zweedse douanebeambten, inclusief alle handige verborgen compartimenten zeker en vast als hun broekzak. Goed plannen en origineel en inventief zijn, is hier de boodschap. Ik besluit de uitdaging aan te gaan maar besef me tegelijk ook wel dat het niet goed met me gaat. Ik drink niet teveel vind ik zelf, maar ondertussen wel het liefst altijd, elke dag en op ieder tijdstip dat ik geschikt acht. Dat baart me wel wat zorgen, maar de alcohol zorgt er ook voor dat ik me beter op mijn gemak voel. Het ontspant en ik zie het als mijn medicijn, of nog beter, als mijn benzine, brandstof om de dag goed door te komen. Ik moet een keer stoppen of minderen weet ik, maar dat kan later nog wel eens.


Ik heb voor mijn smokkelplan al snel een -volgens mij- geniaal idee. Onze Volvo stationwagen heeft een enorm ruitensproeier reservoir van ruim vijf liter en die ga ik vullen met Wodka. Probleem is dat ik, om geen last te krijgen van die akelige spiritussmaak die het normale sproeimiddel heeft, een nieuwe ongebruikte moet zien te regelen. Daarna moet er nog ergens een soort van kraantje onder en klaar is Kees. Met vijf liter Wodka van een 40% alcoholpercentage, toch zeven á acht flessen, hebben we het -even snel gerekend- over een derde fles per dag als we drie weken weggaan. Aangevuld met de normale mondvoorraad die per persoon toegestaan is om in te voeren moet dat lukken denk ik. Eventueel kan ik de Wodka nog voor een deel vervangen door 100% alcohol, ook in drinkbare vorm verkrijgbaar bij onze .


Ik neem me voor om met deze sterk alcoholische mix het in Zweden lokale en betaalbare bier van met ongeveer één procent alcohol aan te vullen tot de sterkte van Westmalle Tripel (mijn favoriete bier) van negen procent, en het probleem lijkt opgelost. Rolling Stone Keith Richards, dat heb ik in één van zijn vele biografieën gelezen, lengt zijn bier ook altijd aan met Jack Daniels, daar is dus niks mis mee vind ik. Mijn held doet dat ook. Alleen wanneer we onderweg de ruitensproeier nodig hebben, zal het wellicht wat vreemd ruiken. Maar ik rij toch meestal zelf en kan het gebruik ervan daardoor beperken.


De dealer die altijd het onderhoud van onze wagen verzorgd, begrijpt me in eerste instantie niet. Hij heeft het erover dat het bestaande vat, al is het volgens mij lek, toch te repareren is en vervanging niet noodzakelijk. Toch drijf ik door, ondanks de absurde kosten voor een plastic tankje van het Volvo merk. Alleen een nieuwe afsluitdop blijkt al twintig euro te kosten. Een fijne onbezorgde vakantie mag wat kosten! Dan gaan we maar een keer minder met het hele gezin uit eten of nemen we op de heenweg geen hotel. In mijn hoofd maak ik al telkens een soort van balans op, met aan het einde de onvermijdelijke goede uitkomst. Het is voor nu even een verantwoorde uitgave en investering. En zo geschiedde. Met de wagen propvol geladen, inclusief mijn geheime voorraad vertrokken we.


In Zweden aanbeland, blijkt het uiteindelijk, tot mijn verbazing best mee te vallen. Mijn alcohol behoefte gaat hier in een soort sluimerstand. Het blijkt een heerlijk land te zijn. Het is er weid, uitgestrekt, en vooral heerlijk rustig. Ik voel me er ontspannen, op mijn gemak en bezondig me slechts mondjesmaat aan het aftappen van mijn geheime drankvoorraad. Het geeft me trouwens zo merk ik ook rust dat ik voldoende voorraad bij me heb. Tot mijn teleurstelling zijn we er niet voor een grondige controle uitgepikt bij de grensovergang. Ik krijg mijn vermeende genialiteit niet bevestigd. Vanwege de alom aanwezige muggen, steevast paraat na zessen in de middag, kruipen we bijna iedere avond vroeg onze tent in. Ik lijk mijn “benzine” hier niet nodig te hebben, de lokale slappe biertjes voldoen redelijk. En met dank aan de net ingevoerde euro blijkt de witte wijn die hier wel gewoon in de supermarkt staat, redelijk betaalbaar, tenminste als je niet let op de kwaliteit. Sterke drank, betere wijnen en buitenlands (Belgisch) bier moet je hier inderdaad in speciale staatswinkels kopen, een behoorlijke hobbel die ik die drie weken niet neem. Opmerkelijk is dat veel Zweden zelf op de camping, als het wat later op de avond wordt uit een eigen geheime voorraad gaan tappen. Ik voel daarbij ook een zekere legitimatie voor mijn eigen gedrag. Dat betuttelen door de overheid is zinloos en overbodig. Als een mens echt iets wil hebben, vindt hij altijd wel zijn eigen weg om er aan te komen. We hebben het gewoon allemaal nodig. Het wordt een onbezorgde vakantie waar we nog vaak met weemoed aan terug denken. Beter zou het voorlopig niet meer worden.


(wordt vervolgd)

42 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven